Het was zondag. Het was mooi weer. Het was herfstvakantie. Op het affiche stond SRC-VVW. Vader en zoon konden maar één ding doen. Samen naar de wedstrijd van Heren 1 op Groenoord. De moeder van de familie, die zelf aan volleybal doet, noemt het zo.
“Wat gaan jullie doen, jongens? Gaan jullie naar Heren 1 kijken?”
Vader en zoon kreunen.
“Nee volleymuts, we gaan naar het eerste kijken. Zo heet dat bij voetbal.”
Samen fietsten we naar het voetbalveld. Vader en zoon op weg naar SRC-VVW. Onderweg kwam er een herinnering boven. VVW… VVW. Ooit ging ik met mijn eigen vader mee naar een wedstrijd van Heren 1, sorry, van SRC 1 tegen VVW 1, ik was nog klein. De club uit het verre West-Friesland speelde in het geelzwart. Net als grote vijand Schagen. Ik besefte op deze zonovergoten zondagmiddag, dat de geschiedenis zich herhaalde. Vader en zoon, SRC en VVW. Ik besloot er na de wedstrijd even naar te zoeken in SRC’s jubileumboek dat in 2005 uitkwam.
Eerst de wedstrijd van Heren 1, eh…, van het eerste, de hoofdmacht, de grote jongens, van SRC 1. Ik hoopte, dat Groenwit zou winnen. Dat de mannen een goede wedstrijd zouden spelen. Dat zij een voorbeeldige inzet zouden tonen. Dat mijn zoon wat te zien zou krijgen. Het Eerste, de matadoren, de helden. Dat we na afloop samen trots naar huis konden fietsen. Trots op ons cluppie. Blij met de drie punten.
Het werd een drama. Een fiasco. Erg, erg. Wat erg! Wat een… Jongens, echt, ik schaamde me voor ‘mijn’ SRC. Blinde passes, desinteresse, doorzichtige combinaties, balletjes ongeveer in de richting van een medespeler, blessuregezeur, gebrek aan samenwerking. Wat was het erg. Wat zou mijn zoon hiervan zeggen? Hij leerde op deze zondag alleen maar hoe te degraderen naar de vierde klasse. Misschien moet het bestuur dan bij de KNVB het verzoek indienen of Heren 1 meteen mag doorzakken naar de vijfde klasse. Tegen de tijd dat mijn zoon en zijn lichting klaar staan om aan boord te gaan van het vlaggenschip dobbert SRC rond in de zesde klasse. Laten we blij zijn dat er niet meer klassen zijn. Zo erg was het, zo echt… erg, erg, erg.
Weer thuis las ik in ‘Alles voor Groenwit’ dat SRC op zondag 29 maart 1964 kampioen werd in de eerste klasse afdeling Noord-Holland. Met Limmen en VVW moest SRC in de slag om promotie naar de vierde klasse van de KNVB af te dwingen. Mijn geheugen had mij niet bedrogen. Ik was destijds negen jaar en mocht met mijn vader mee naar Wervershoof. De ‘Groene Leeuwen’ wonnen op vreemde bodem met 2-3 door goals van Koert Redecker (2x) en Herman Filmer. SRC promoveerde naar de KNVB. De mannen paarden onverzettelijkheid aan broederschap en speelsheid. Mijn lichting had helden voor ogen. Trots waren we op de mannen, apetrots. Zij waren onze voorbeelden. Hup Heren 1…!

