Het was er mooi en het was er goed. In de Morvan in het Franse Bourgondie. De campingbaas was een Nederlander die er sinds een jaar pionierde. Op een prachtige locatie beheerde de heer Broxterman een terrain de camping dat deels in het bos lag en waar een riviertje dwars doorheen stroomde. Een El Dorado. De gasten -veel Nederlanders- mochten zelf een plek zoeken. ’s Avonds was het toegestaan om een kampvuur bij de tent te maken. Idyllisch!
Het was weliswaar vakantie, maar ook in Frankrijk dient een schrijver om zijn PR te denken. Dus stond binnen twee dagen in het rek bij de receptie een stapel promokaartjes van Het Zwanenwater tussen de folders. Aldus kon het publiek zich niet alleen informeren over de attracties in de Morvan, maar ook over een thriller die speelt in de kop van Noord-Holland (voor een stukje trouwens ook in Frankrijk…). Mijn actie bleef niet zonder resultaat. Een Hollandse medewerker van de heer Broxterman vroeg al ras of ik soms de schrijver van ‘dat boek’ was. En toen het enige dagen regenachtig was kwam hij vragen of ik ook exemplaren bij me had. Hij was nieuwsgierig geworden en wilde mijn boek graag kopen.
Welnu, dat kon. Ik had er een paar in de vakantiekoffer gestopt. Voorgevoel, denk ik. Een dag later verkocht ik Het Zwanenwater ook aan de camping-eigenaar. En toen we op de laatste avond aten in het restaurant bij mijnheer Broxterman werd ik voorgesteld aan twee echtparen uit Zwolle die erg gecharmeerd waren geworden van de promotiekaartjes in het rek. Of ik nog boeken te koop had? Helaas, ik moest de vakantiegangers uit Hollande nee verkopen. Wel kon ik mijn handtekening zetten op twee promotiekaartjes. Enthousiast beloofden beide echtparen, dat ze terug in Zwolle dadelijk naar de boekhandel zouden snellen om Het Zwanenwater te bestellen.
Dat zijn toch leuke dingen voor de mensen.
De Koorzangers Vrouwenhandel, drugstransport en gedwongen prostitutie behoren niet tot het vocabulaire van Gerard Dekker, een brave docent in het middelbaar beroepsonderwijs. Voor zijn ontspanning zingt hij in een koor, zoals veel van zijn collega’s en vrienden. Het koorleven biedt hem een welkome afleiding van de probleemjongeren waar hij overdag mee te maken heeft. Maar met de komst van een jonge sopraan verdwijnt de ontspanning algauw, als blijkt dat zijn lastige pupil Pita haar gewetenloze loverboy is. Lees verder...
